Koken is voor velen een dagelijks ritueel, maar er is verrassend weinig bekend over hoe verschillende bereidingswijzen de voedingswaarde en veiligheid van ons eten beïnvloeden.
Of we nu magnetronnen, bakken, stomen of frituren: de meeste gangbare technieken leveren prima resultaten op, mits we extreem hoge temperaturen en hergebruikte oliën vermijden.
In dit artikel verkennen we de wetenschap (en de hiaten daarin) achter uiteenlopende kookmethoden, geven we praktische aandachtspunten voor thuiskoks, en doen we aanbevelingen voor gezondere maaltijden.
Stomen en Aanverwanten
Stomen wordt in onze regio nog steeds relatief weinig toegepast, maar het lijkt één van de gezondste manieren om warm voedsel te bereiden. De temperatuur komt nooit boven de 100 °C Hierdoor blijven voedingsstoffen behouden en wordt de vorming van toxische bijproducten (die vanaf zo’n 200 °C ontstaan) voorkomen. Nog een pluspunt: er spoelen nauwelijks voedingsstoffen weg, omdat het voedsel niet in overtollig water ligt.
Wanneer we aardappelen koken, is het verstandig om de schil te laten zitten. De schil voorkomt niet alleen dat vitamine C in het kookwater verdwijnt, maar is zelf ook een waardevolle bron van vezels. Schillen is zo dus ook niet meer nodig.
Frituren en Andere Hoge‑Temperatuurtechnieken
Verschillende studies suggereren dat frituren of bakken met onverzadigde plantaardige oliën op hoge temperaturen (bijv. zonnebloem‑, olijf‑ of rijst-olie) toxische stoffen zoals aldehyden genereert. Helaas is er weinig bekend over de lange-termijn effecten van deze aldehyden. Eén ding staat echter vast: als ik “aldehyden” hoor, weet ik één ding zeker: dat wil ik niet op mijn bordje.
Palm‑ of kokosolie vormt een uitzondering. De vetten in deze oliën zijn verzadigd (in tegenstelling tot de onverzadigde vetten in andere plantaardige oliën). Verzadigd vet oxideert nauwelijks bij verhitting. Geen aldehyden. Geen ellende.
Ik geef toe dat ik weleens in kokosvet heb gefrituurd en dat dit nogal bewerkelijk was. Dit vet is bij kamertemperatuur namelijk vast, en moest ik daarom eerst opwarmen om het in de pan te krijgen. Maar als we een aparte pan kunnen reserveren en de palm‑ of kokosolie er gewoon in kunnen laten, scheelt dat veel gedoe. Zo kan frituren in deze tropische olie zomaar je nieuwe hobby worden.
Frituur je toch in vloeibare plantaardige oliën? Limiteer dan de temperatuur en vermijd om veelvuldig in dezelfde olie te bakken om de vorming van toxische bijproducten te beperken.
Praktische Overwegingen
Bijna niemand kookt nog alles zelf. Twee generaties geleden brachten mensen gemiddeld twee uur per week in de keuken door; tegenwoordig is dat nog maar een kwart hiervan: zo’n vijf minuten per dag. Zonder blikken of blozen vertrouwen we voor het grootste deel van onze maaltijden op de fabriek en afhaalrestaurants.
Vers, zelfgemaakt eten is natuurlijk ideaal, maar restjes hebben óók voordelen. Als zetmeel-rijke producten (aardappelen, rijst of pasta) één of meerdere koel‑opwarm cycli doorlopen, ontstaat er resistent zetmeel. Dat zijn complexe koolhydraten die helpen de bloedsuikerspiegel te reguleren en een gezond microbioom te voeden. Top.
Wat te Doen
Gezond koken is uiteindelijk vooral een kwestie van gezond verstand. De precieze bereidingswijze is veel minder belangrijk dan het gebruik van hele, minimaal bewerkte ingrediënten.
Het grootste deel van wat uit de fabriek of fastfood-zaak komt en als hyperbewerkt voedsel op ons bord belandt, is daarentegen funest. Begin liever met een aardappel, appel, maïskorrel, bruine boon of (voor de vleeseters onder ons) dat gelegenheidsbiefstukje.
Introductie
Wie de juiste keuzes weet te maken, heeft daar een leven lang profijt van. Maar hoe dan?
Rondom dit thema is een hele wetenschap ontstaan. De antwoorden zijn soms tegenstrijdig, maar vaak ook verrassend nuttig.
In dit stuk lezen we meer over wat bekend is rondom keuzes maken: van het kiezen van een brood tot het vinden van een huis, een partner of een baan.
Mijn eigen Ervaring met een (enigszins) Complexe Keuze
Toen ik besloot om (na ruim 16 jaar studie) voorgoed met chirurgie te stoppen, dacht ik daar een kleine week over na. Niet eens heel bewust. Ik liet de tijd zijn werk doen en werd op een ochtend wakker met de overtuiging dat ik het scalpel zou neerleggen. Zonder checklists, al wijzen veel onderzoeken er juist op dat die gunstige kunnen werken.
Andere ingewikkelde beslissingen maakte ik wél met een checklist. Toch blijkt bij dit soort ingewikkeldere keuzes vaak dat ons onderbewuste het meeste werk doet.
Waarom? Omdat er bij complexe keuzes (auto kopen, wel of geen kinderen) zoveel factoren meespelen dat ons rationele brein het niet meer kan overzien. Dan neemt het onderbewuste het over, en dat is een krachtige bondgenoot.
De sleutel om het onderbewuste te activeren is tijd. Een paar nachtjes slapen helpt. Als het onderbewuste eruit is, komt dat meestal naar boven als een duidelijk buikgevoel of overtuiging.
Toch is het verstandig die ingeving nog even langs een checklist te leggen, zodat we geen belangrijke rationele punten over het hoofd zien.
Complexe Keuzes over Gespecialiseerde Zaken
Sommige keuzes vragen vooral kennis die we zelf niet hebben, zoals het afsluiten van een hypotheek. Hier helpt het onderbewuste ons niet verder.
In zulke gevallen is het slim om een expert in te schakelen. Welke expert? Vaak kunnen we vertrouwen op onze eerste indruk. We zijn namelijk van jongs af aan getraind om gezichtsuitdrukkingen en houdingen te lezen, en die vaardigheid werkt vaak verrassend goed.
Maar als er veel onzekerheid meespeelt (bijvoorbeeld een hypotheek bij een onzeker inkomen) dan kan een algoritme betere uitkomsten geven dan zowel het onderbewuste als de expert. De expert is ook maar een mens. Onderzoek van Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman laat dit zien.
Simpele Keuzes: de Alledaagse Opties
Bij kleine keuzes (welk brood, welke kleur behang) is ons rationele brein juist wél op zijn sterkst. Goed nadenken over dit soort simpele opties loont.
Gewoontes: hoe Slijten we Goede Gebruiken In?
Hier lopen veel mensen tegenaan: de korte-termijn verleidingen zijn vaak leuker of lekkerder, terwijl de gezonde keuzes pas later hun vruchten afwerpen.
Hoe pak je dit aan?
- Uit onderzoek blijkt dat het meestal een paar maanden duurt voordat een actie een gewoonte wordt.
- Specifieke doelen stellen, onze voortgang monitoren, en feedback krijgen helpen enorm om goede gewoontes te ontwikkelen.
- Oefening baart kunst: onze wilskracht wordt sterker door haar vaker te gebruiken. Zie het als een spier die in kracht wint.
Voor wie te maken heeft gehad met jeugdtrauma geldt nog iets extra’s: wees mild voor jezelf. Trauma kan onze stressreactie verstoren, waardoor het moeilijker is gezonde keuzes vol te houden. Onhaalbare doelen stellen werkt dan vaak averechts. Eerst de oude wonden helen kan dan belangrijker zijn.
Tot Slot
De juiste keuzes maken kan ons leven in positieve zin veranderen. Belangrijk om te onthouden:
- Simpele keuzes: gebruik je rationele brein.
- Complexe keuzes: geef je onderbewuste tijd en gebruik een checklist als controle.
- Gespecialiseerde keuzes: vertrouw op experts of algoritmes, afhankelijk van de situatie.
- Gewoontes: bouw ze stap voor stap op, monitor je voortgang, zoek feedback en wees mild voor jezelf.
Goede keuzes maken is dus geen kwestie van geluk, maar van de juiste aanpak kiezen bij het juiste type beslissing.
Ongevaarlijke Kankers: Beter Laten voor wat ze Zijn
De meesten van ons zien kanker als een meedogenloze, dodelijke kracht die direct verwijderd moet worden zodra ze wordt ontdekt. De biologische werkelijkheid is echter genuanceerder.
Veel tumoren zijn zo inactief dat ze nooit gevaarlijk zullen worden. Andere tumoren verdwijnen ogenschijnlijk spontaan. Ze worden door het immuunsysteem opgeruimd. Zulke processen komen veel vaker voor dan we voorheen vermoedden.
Voor mij was het een openbaring dat veel kankers volledig ongevaarlijk kunnen zijn.
Als geneeskundestudent, en daarna, werd ik voornamelijk opgeleid met het idee dat kanker ontstaat uit een genetisch en kwaadaardig getransformeerde cel. En dat de kanker in zijn geheel verwijderd moet worden om uitzaaiingen of andere levensbedreigende situaties te voorkomen.
Maar nee. Hoewel veel tumoren gevaarlijk zijn, zijn er dus ook veel volstrekt ongevaarlijke kankers.
Neem bijvoorbeeld de schildklier van zestig-jarigen: bij vrijwel niemand is die vrij van kankercellen, als je er zorgvuldig naar zoekt. Het merendeel van deze kankercellen leidt nooit tot problemen en kun je beter met rust laten. Onwetendheid is hier zaligheid.
Het probleem is dat we van tevoren niet weten of een tumor zal uitzaaien en groeien, of dat het immuunsysteem hem opruimt, of dat hij indolent blijft. Tumoren opsporen is één ding, bepalen welke gevaarlijk zijn iets heel anders. Geen enkele beschikbare techniek kan dit onderscheid maken.
Omdat we niet weten (en niet kúnnen weten) welke tumoren gevaarlijk zijn en welke niet, lijkt de enige redelijke optie om alle ontdekte kankers te verwijderen. Maar is dit wel echt zo?
Borstkanker-Screening
Uit onderzoek blijkt dat borstkankerscreening in veel gevallen een twijfelachtige keuze is.
Ik kom zelf niet in aanmerking voor deze screening (hoewel mannen ook borstkanker kunnen krijgen), maar als ik een vrouw was, zou ik er waarschijnlijk van afzien.
De nadelen van borstkanker-screening worden, naar mijn mening, structureel onderbelicht door zowel de overheid als artsen.
Ongeveer een derde van de bij screening ontdekte borstkankers betreft volledig ongevaarlijke proliferaties die beter ongediagnosticeerd en onaangeroerd waren gebleven. De diagnose alleen al veroorzaakt doorgaans een stortvloed aan stress en onzekerheid. Bovendien blijkt de diagnose zelf voldoende om zowel het welzijn als de algemene gezondheid te verslechteren. Overbehandeling omvat meestal een combinatie van chirurgie, bestraling en chemotherapie.
Schattingen geven aan dat voor elke levensreddende diagnose dankzij borstkankerscreening minstens tien vrouwen onterecht worden gediagnosticeerd en behandeld. Of zulke risico’s het waard zijn, is een volstrekt individuele keuze die zorgvuldige afweging vereist.
De behandeling van zelfs gevorderde tumoren is inmiddels zo effectief, dat het achterwege laten van screening en wachten tot ze op andere wijze worden ontdekt, relatief onschadelijk is geworden.
We zouden het allemaal kunnen vergelijken met een verzekering: we betalen een bescheiden premie om een klein risico af te dekken. Dat lijkt prima, totdat we erachter komen dat we in feite nauwelijks of zelfs helemaal nergens voor gedekt zijn, terwijl de kosten veel hoger zijn dan beloofd.
Wie zou zo’n verzekering niet direct opzeggen?
Praktische Vragen voorafgaand aan Borstkanker-Screening
- Wat is mijn absolute risico om aan deze kanker te overlijden zonder screening?
- Hoeveel mensen moeten er gescreend worden om één leven te redden?
- Hoeveel mensen worden in het proces over-gediagnosticeerd en over-behandeld?
- Hoe ernstig zijn de gevolgen wanneer ik over-behandeld word?
- Ben ik bereid te leven met een mogelijke over-diagnose en de gevolgen daarvan?
Darmkanker-Screening
Op dit terrein tonen studies een overlevingsvoordeel van het screeningsprogramma. Niet een schokkend groot voordeel, maar wel significant. Hier wegen de voor- en nadelen (overdiagnose van ongevaarlijke tumoren en overbehandeling) tegen elkaar op, en lijkt de balans enigszins in het voordeel van screening uit te vallen.
Baarmoederhalskanker-Screening
Wat dit betreft is glashelder dat iedere vrouw die seksueel actief is geweest, er goed aan doet om deel te nemen aan screening. Hoe dit uitpakt voor de generatie die tegen HPV (humaan papillomavirus) wordt gevaccineerd, is nog onbekend.
Cijfers laten zien dat, als iedereen deelneemt aan screening, de kans om aan dit type kanker te overlijden met meer dan 80% zou afnemen.
Dat zijn nog eens overtuigende voordelen.
Conclusie
Sommige tumoren doden, andere bestaan vredig bij ons, en een verrassend aantal verdwijnt vanzelf. Omdat de geneeskunde deze verschillen niet kan onderscheiden, blijven screening en chirurgie botte instrumenten. Gebalanceerde, individuele beslissingen, gebaseerd op transparante data en persoonlijke waarden, vormen de beste verdediging tegen zowel onder- als overbehandeling.
Introductie
Kort achter hart- en vaatziekten is kanker wereldwijd de belangrijkste doodsoorzaak. Veel mensen ervaren het nog steeds als een mysterieus noodlot dat zomaar toeslaat. Maar steeds duidelijker wordt dat dat beeld niet klopt: een groot deel van de gevallen is te voorkomen door onze leefstijl te verbeteren.
Hoeveel Kanker is te Voorkomen?
Uit grote onderzoeken blijkt dat leefstijl een enorme invloed heeft op het risico op kanker. Afhankelijk van de studie wordt geschat dat 30% tot wel 90% van de gevallen samenhangt met leefgewoonten en omgevingsfactoren. Voeding, beweging, lichaamsgewicht, alcoholgebruik en slaap spelen hierin een cruciale rol. De rol van tabak spreekt voor zich.
Belangrijkste Leefstijl-factoren
1. Stress
Chronische stress tast het immuunsysteem aan en bevordert schadelijke, langdurige ontstekingsprocessen (inflammatie) die kanker kunnen stimuleren. Ontspanning, sociale steun en balans zijn daarom meer dan luxe: ze zijn gezondheidsbevorderend.
2. Beweging en gezond gewicht
Regelmatig bewegen en een gezond gewicht houden zijn krachtige beschermers tegen allerlei vormen van kanker. Overgewicht verhoogt het risico aanzienlijk, onder meer door chronische ontstekingen en hormonale verstoringen.
3. Voeding: Wat Werkt en Wat Niet
- Meer volkoren producten, groente, fruit en peulvruchten
- Minder rood en vooral minder bewerkt vlees
- Minder bewerkte voedingsmiddelen en fastfood
- Geen suikerhoudende of kunstmatig gezoete dranken
Kortom: kies vooral voor onbewerkte, voedzame producten.
4. Alcohol
Alcohol verhoogt het risico op verschillende soorten kanker, waaronder borst- en darmkanker. Het risico neemt al toe vanaf de eerste druppel alcohol.
5. Slaap en dag-nachtritme
Nachtwerk en verstoorde slaapritmes zijn door de Wereldgezondheidsorganisatie geclassificeerd als waarschijnlijk kankerverwekkend. Voldoende nachtrust en een stabiel ritme beschermen dus ook.
6. Stoppen met roken
Dat roken longkanker veroorzaakt, weet inmiddels iedereen. Toch duurde het tot de jaren ’60 voordat dit algemeen erkend werd. Toen ik met mijn geneeskunde studie begon eind jaren ’90 kon ik nog eenvoudig een peuk opsteken op de faculteit, midden in het ziekenhuis. Verandering gaat vaak langzaam. De helft van de rokers sterft aan deze gewoonte.
7. Zon en huidkanker
Verbranding door de zon verhoogt sterk de kans op huidkanker. Beschermen met kleding en verstandig gebruik van zonnebrandcrème helpt. Belangrijk: zonnebrand is bedoeld om te beschermen, niet om langer in de zon te blijven liggen.
Wat Niet Helpt
Supplementen bieden géén bescherming tegen kanker. Grote studies laten keer op keer zien dat pillen met vitamines of mineralen geen verschil maken. Sommige verhogen het risico op kanker zelfs. Gezonde voeding met een breed pallet aan voedingsstoffen is onmisbaar, maar dan in haar natuurlijke vorm.
Als we toch Kanker krijgen
Een diagnose kanker komt hard binnen en gaat vaak gepaard met stress en angst. Gelukkig zijn de overlevingskansen de afgelopen decennia sterk verbeterd.
Behandelingen bestaan meestal uit een combinatie van chirurgie, bestraling en medicijnen. Naast klassieke chemotherapie zijn er tegenwoordig ook immunotherapie en doelgerichte therapieën. Deze nieuwe middelen zijn vaak effectiever en soms minder belastend dan chemotherapie, al kunnen ook deze nieuwere behandelingen ernstige bijwerkingen hebben en verliest de werking na verloop van tijd vaak kracht.
Conclusie
Kanker is al lang niet meer automatisch een doodvonnis. Maar de grootste winst ligt nog altijd in voorkomen. Met gezonde leefstijl-keuzes kunnen we ons risico fors verlagen. Stoppen met roken, meer bewegen, gezond eten, stress verminderen, goed slapen en verstandig omgaan met zonlicht: dit zijn de krachtigste “medicijnen” die we zelf in handen hebben.
Introductie
Een veilige jeugd zou een vanzelfsprekend recht moeten zijn.
Toch gaat het vaak mis. Veel kinderen groeien op met schadelijke ervaringen die diepe sporen nalaten. Denk aan mishandeling, verwaarlozing of een continu gespannen thuissituatie. Zelfs stress bij onze moeder tijdens de zwangerschap, wanneer we nog in de buik zitten, kan al invloed hebben: een overbelaste moeder kan een kind met een verstoorde stressreactie op de wereld zetten.
Met andere woorden: het hele systeem kan al vroeg ontregeld raken.
Toch wordt er opvallend weinig gedaan om jeugdtrauma’s écht bij de wortel aan te pakken. Terwijl er wél behandelingen bestaan die veel verschil kunnen maken. Het probleem is dat trauma vaak wordt weggeduwd, genegeerd of in stilte meegedragen.
Mijn Ervaring
Zelf heb ik ook nagedacht: heb ik jeugdtrauma meegemaakt?
Nog vóórdat ik herinneringen kon vormen, bracht ik geregeld dagen en nachten door met een oppasmoeder. Voor een dreumesbrein kan dat voelen als verlating, hoe goed bedoeld ook. Ik miste mijn ouders, kreeg ruzie met het oppaskind en uiteindelijk werd de oppas ontslagen. Daarna kwam er een man met een baard die gelukkig wél vriendelijk was.
Is dit jeugdtrauma? Misschien niet in de klassieke zin. Het ging niet om mishandeling of structurele verwaarlozing. Maar het speelde zich wel af in de eerste duizend dagen van mijn leven. Dit is de periode waarin het brein extra kwetsbaar is. Kleine ervaringen kunnen daar grote invloed hebben.
Of mijn hersenen dat als trauma hebben opgeslagen, weet ik niet. Maar dat deze ervaringen mij mede hebben gevormd, staat vast.
De Verborgen Epidemie
Trauma-expert Bessel van der Kolk noemt jeugdtrauma een verborgen epidemie. Het komt veel vaker voor dan we denken. Uit onderzoek blijkt dat in Nederland ongeveer één op de drie kinderen ten minste één ernstige negatieve ervaring meemaakt. Schokkende cijfers.
Hoe het Lichaam Ontregeld Raakt
Wie als kind langdurig mishandeld of verwaarloosd is, krijgt een lichaam dat anders gaat functioneren. Het stress-systeem blijft als het ware “aan” staan. Het lichaam leeft dan alsof de brandmelder nooit meer uitgaat.
Dat leidt niet alleen tot angst of somberheid, maar ook tot lichamelijke problemen: het afweersysteem raakt ontregeld, ontstekingsprocessen woeden door, en ongezonde gewoontes en verslavingen (zoals roken, drinken of overeten) bieden schijnbaar tijdelijke verlichting.
Daarbovenop raakt ook het afweersysteem ontregeld en ontstaat er vaak een laag-gradige ontstekingsreactie (inflammatie) in het lichaam. Het gevolg is een verhoogd risico op tal van lichamelijke en mentale klachten.
Zo wordt een vicieuze cirkel geboren: het trauma leidt tot stress, stress tot schadelijk gedrag, en dat gedrag versterkt de lichamelijke schade.
Gevolgen op Lange Termijn
De lijst met gezondheidsproblemen die samenhangt met jeugdtrauma is indrukwekkend en zorgwekkend:
- Snellere veroudering
- Problemen in de hersenontwikkeling, zoals slechtere emotie-regulatie
- Fibromyalgie en chronisch vermoeidheidssyndroom
- Depressie en angststoornissen
- Verslavingen
- Hart- en vaatziekten
- Auto-immuunaandoeningen
Het is alsof een jeugdtrauma een donkere schaduw werpt die blijft meebewegen, hoe ver we ook vooruitlopen.
Doorbreken van de Cirkel
Hoe we met onze eigen ervaringen omgaan, is heel persoonlijk. Het vraagt moed en doorzettingsvermogen om naar je pijn te kijken. Maar het kán verschil maken.
Behandelingen als cognitieve gedragstherapie (CGT) en EMDR (eye movement desensitization and reprocessing) blijken effectief, mits er een veilige vertrouwensband met de therapeut is. Want vaak gaat het om herinneringen die beladen zijn met schaamte en taboe.
Toch hoeft de eerste stap niet meteen in een behandelkamer gezet te worden. Het opschrijven van ervaringen en gevoelens kan al opluchten en zelfs een helend effect hebben. Zo kan langzaam een brug ontstaan: van zwijgen naar delen, van overleven naar helen.
Conclusie
Jeugdtrauma is geen zeldzaam probleem, maar een stille epidemie met grote gevolgen. Door het bespreekbaar te maken en de juiste hulp te zoeken, is het mogelijk de vicieuze cirkel te doorbreken, en ruimte te maken voor herstel en vertrouwen.
Hoge bloeddruk wordt ook wel de “stille doder” genoemd.
De aandoening verloopt bijna altijd zonder ook maar de minste of geringste klacht. Maar het verhoogt wel drastisch het risico op hart- en vaatziekten, beroertes, dementie en vroegtijdig overlijden. Wereldwijd sterven jaarlijks miljoenen mensen aan complicaties van onopgemerkte hypertensie (hoge bloeddruk).
Gelukkig valt er veel zelf te doen om onze bloeddruk onder controle te krijgen en te houden.
Een Verhaal uit het Ziekenhuis
Toen ik als chirurg-in-opleiding een dienst draaide, werd ik in het diepst van de nacht opgeroepen omdat bij een patiënte een erg hoge bloeddruk gemeten was. Het was de oudste patient die ik opereerde, dik in de 90. Nu, twee dagen na het plaatsten van de pen in haar dijbeen, was haar bloeddruk torenhoog.
Toen ik bij haar kwam trof ik haar gespannen aan. Ik voelde haar pols en informeerde naar haar klachten. Terwijl ik gehurkt bij haar zat zag ik een flits. Bliksem. “Zag u dat?” Ja, ze had het gezien. Het regende nog niet, maar de lading in de lucht was voelbaar. Na een rustig gesprekje maten we haar bloeddruk nog eens. Volstrekt genormaliseerd.
Dit illustreert hoe sterk onze bloeddruk reageert op spanning. En waarom stressvermindering zo’n cruciale eerste stap is.
Geen Stress, Geen Hoge Bloeddruk
Stress, moeilijk te meten, is een belangrijke oorzaak van hoge bloeddruk. Veel mensen weten niet goed wat ze hier aan kunnen doen. Stress kan namelijk lekker voelen, treedt lang niet altijd bewust op, en een stressvolle leefstijl kan gepaard gaan met bijvoorbeeld een gekoesterd hoog inkomen of druk leven.
Stressreductie is de eerste en belangrijkste stap in de strijd tegen hoge bloeddruk.
Andere Behandelbare Oorzaken van Hoge Bloeddruk
Wie bij de arts komt met hoge bloeddruk krijgt hoogstwaarschijnlijk medicijnen voorgeschreven. De bloeddruk-verlagers gaan zonder uitzondering gepaard met bijwerkingen.
Wat artsen vaak minder benadrukken, zijn de oorzaken van hoge bloeddruk waar we zelf wat aan kunnen doen. Zonder bijwerkingen.
1. Voeding
Kleine veranderingen in ons eetpatroon hebben grote gevolgen voor onze bloeddruk.
- Minder alcohol
Schrap elke dag twee glazen en zie je bloeddruk flink dalen.
- Minder zout
Voorgemaakte maaltijden en restaurants leveren het meeste zout in onze dagelijkse voeding. Zelf koken met onbewerkte ingrediënten beperkt onze zoutinname zonder dat we erbij na hoeven te denken. Deze strategie helpt om onze bloeddruk omlaag te brengen, én brengt veel extra gezondheidsvoordelen met zich mee.
- Meer kalium
Onze voorouders consumeerden veel meer kalium en minder sodium (tafelzout) dan dat wij doen. Door kalium-rijke voedselsoorten zoals groenten te eten, doen we onze bloeddruk een gunst. Dit geldt zelfs voor mensen die volgens de arbitrair gestelde normen niet aan hoge bloeddruk lijden. Een lagere bloeddruk is namelijk ook gunstig voor de gezondheid wanneer de bloeddruk volgens de normen al normaal is.
- Minder hyperbewerkt voedsel
Hyperbewerkt is razend populair omdat het lekker, makkelijk en goedkoop is. Toch is al dit fabrieksvoedsel fnuikend voor ons gestel. Kiezen voor minder hyperbewerkt, en meer heel en onbewerkt voedsel (groenten, fruit, bonen, paddestoelen, linzen, volkoren granen, noten en zaden) heeft een gunstig effect op onze bloeddruk.
- Donkere chocola
Het komt misschien als een verrassing dat snoepgoed een bloeddrukverlagend effect kan hebben. Hier zit wel een addertje onder het gras. Het draait hier namelijk om de kwaliteit van het cacao-product. Wanneer de chocola minimaal 70%, en liefst nog meer, cacao bevat dan kan dit wel degelijk helpen om de bloeddruk wat omlaag te brengen.
Samenvattend: door minder zout en minder hyperbewerkt voedsel te eten, verlagen we onze bloeddruk zonder bijwerkingen.
2. Beweging
Dagelijkse beweging, zelfs een korte wandeling, helpt onze bloedvaten soepel te houden.
Tip: bouw stap voor stap op, bijvoorbeeld na een week de dagelijkse wandeling met 5 minuten uitbreiden.
3. Gedrag
Ook ons gedrag kan onze bloeddruk sturen. Zonder tabletten.
- Gewichtsvermindering
Normalisering van het gewicht is maar al te vaak een hels karwei. Het helpt wel om de bloeddruk te verlagen.
- Mindfulness en meditatie
Wie regelmatig meditatie of mindfulness beoefent kan hiermee de bloeddruk aanzienlijk doen dalen. Volhouden is een vereiste, want stoppen betekent dat de bloeddruk weer terugdeinst naar het oude niveau.
- Stoppen met roken
Hier geldt wel een maar. Het stoppen met tabak mag namelijk niet gepaard gaan met te veel gewichtstoename. Veel stoppers komen hardnekkig aan, en als die toename van het gewicht te hevig is worden de voordelen voor de bloeddruk teniet gedaan. Dit neemt niet weg dat het totale effect van stoppen met roken zelfs bij fors aankomen gunstig is voor de algemene gezondheid.
Mythes en Misverstanden
- Mythe 1: Koffie vermijden
Cafeïne geeft kortdurende pieken in de bloeddruk, en kan bij mensen die hier erg gevoelig voor zijn (wanneer een kopje koffie tot hartkloppingen leidt bijvoorbeeld) wel degelijk tot bloeddruk-problemen leiden. Bij het gros van de mensen is cafeïne echter geen oorzaak van hoge bloeddruk.
- Mythe 2: Acupunctuur als wondermiddel
Het effect van naalden blijkt maar tijdelijk en te onbetrouwbaar te zijn voor de lange termijn.
Wat te Doen
Begin vandaag nog: kies één kleine leefstijl-verandering, bijvoorbeeld een dagelijkse wandeling of het minderen van de zoutinname. Bouw dit uit en vind wat bij jou past. Zo neem je zelf de regie over je bloeddruk. En over je gezondheid.
Hart- en vaatziekten. Ogenschijnlijk een verschrikkelijk saai onderwerp.
We weten allemaal wel dat roken en slecht eten onze kans op een hartaanval of beroerte vergroot. Dat het om de nummer 1 oorzaak van sterfte gaat. En toch lijkt het fenomeen slagaderverkalking maar al te vaak een ver-van-ons-bed-show. Nee, dat overkomt de buurman, of misschien die verre oom. Maar niet mij.
Helaas. We lopen allemaal het risico.
Sterker nog, het begint al jong. Wie begin-30-ers onderzoekt, komt er achter dat de meesten van hen al verkalkingen in hun slagaders hebben. Dan al ja. En het speelt een doorslaggevende rol bij veel gevallen van dementie.
Dus: wat moeten we er nou aan doen om ons risico te verkleinen?
Strategieën om Slagaderverkalking Tegen te Gaan
Veel komt neer op onze leeftstijl. Weinig stress, gezond eten, voldoende bewegen, noem maar op. Hier volgen wetenschappelijk onderbouwde leefstijl-adviezen voor duurzame bloedvaten:
Keer op keer komt stress terug waar het gaat om oorzaken van veel voorkomende aandoeningen. Stress is nou eenmaal fnuikend.
1. Stress
Een sprekend voorbeeld is dat de kans op een hartaanval in de 24 uur na het overlijden van een belangrijke naaste wel 20x verhoogd is. Zo groot kan het effect van een stress-volle gebeurtenis dus zijn.
Angst en depressie, vaak gepaard gaand met stress, leiden tot fors meer hart- en vaatziekten.
Om iets structureels aan stress te doen is vaak heel wat nodig. Het zit meestal diep ingebakken in onze levens. Meer over dit complexe onderwerp in het aparte artikel over stress.
2. Gedrag
Via doelbewuste aanpassingen van wat we wel en niet doen kunnen we onze kansen op hart- en vaatziekten effectief verkleinen.
- Lichaamsbeweging
Het belang van voldoende lichaamsbeweging kan moeilijk worden overschat. Wie te vaak en te lang zit, loopt een gigantisch extra risico op slagaderverkalking. Wát we aan beweging doen maakt niet zo veel uit. Zo lang we maar regelmatig in beweging komen. Cardio, krachttraining, wandelen. Het is allemaal erg gunstig voor hart en bloedvaten.
- Slaap
Dat we ons door een chronisch slaaptekort onuitgerust en sub-optimaal is geen verrassing. Veel minder bekend is dat onze bloedvaten achteruitgaan wanneer we niet goed slapen. Tips & tricks rondom beter slapen vinden we in het aparte artikel over slaap.
- Gebitsverzorging
Gezond tandvlees blijkt een direct gunstig effect te hebben op risicofactoren voor slagaderverkalking. Voor het geval je tandvlees wel eens bloedt of pijnlijk is: vraag om advies van een mond-hygiënist en hou het in het vervolg zelf goed schoon. Meer hierover onder gebit.
- Lawaai
Niet alleen hinderlijk geluid overdag, maar ook nachtelijk lawaai vergroot onze kansen op hart- en vaatziekten. Het helpt dan ook om herrie zoveel mogelijk te vermijden. Het zorgt nou eenmaal voor grote stress op de bloedvaten.
Veel van de verbeteringen in gedrag ten gunste van gezondere bloedvaten zijn relatief gemakkelijk te bewerkstelligen. Begin vandaag met één verbetering, en kijk wat bij je past. Breidt geleidelijk uit naar meer.
3. Voeding
Zoals met vrijwel elk voedingsadvies is het devies vooral: minder hyperbewerkt, en meer heel en onbewerkt.
- Weinig ultrabewerkt
Ultra-bewerkte voeding is overal. Het is goedkoop, lekker, en makkelijk. Daarom vergt het vaak veel moeite om het in te ruilen voor de veel gezondere, hele, onbewerkte voedingsproducten (zoals noten, zaden, volkoren granen, groente, fruit, paddestoelen en peulvruchten). Eieren horen hier ook bij: dat zijn hele, onbewerkte voedingsproducten zonder negatieve effecten voor hart- en bloedvaten. Geen zorgen over het cholesterol in eieren: in vergelijking met wat het lichaam zelf aan cholesterol aanmaakt is dat maar een peulenschilletje.
- Niet zout-rijk
De meesten van ons krijgen het gros van het zout binnen via voorgemaakt voedsel uit restaurants of de supermarkt. Door voorgemaakt en hyperbewerkt voedsel in te ruilen voor hele, onbewerkte voedselsoorten daalt de zout-inname aanmerkelijk. Beter voor het vaatgestel.
- Gewicht
Door minder hyperbewerkt en meer onbewerkt voedsel tot ons te nemen kunnen we ook ons gewicht verbeteren. Een optimaler gewicht gaat samen met gezondere bloedvaten.
- Geen (of anders een stuk minder) zoete drankjes
Gesuikerd drankjes zoals frisdrank en de meeste vruchtendranken zijn de duivel als het gaat om bloedvat-gezondheid. Ook de kunstmatig gezoete varianten zijn helaas geen haar beter.
- Vezels
Dit moeten we allemaal gewoon doen. Bruin brood, volkoren alles, zilvervliesrijst. Vezels zorgen voor blakende slagaders. En voor wie van wit brood houdt: bruin went echt.
Aanpassingen aan het dieet zijn lang niet altijd gewenst of welkom. Pak het daarom geleidelijk aan. En geef nooit op. Hier valt echt veel te winnen.
Wat Helpt Niet
Er is een aantal hardnekkige mythes over wat zou helpen tegen hart- en vaatziekten. Van de volgende strategieën heeft onderzoek laten zien dat het niet helpt. Belangrijk om te weten, zodat we geen dingen doen of laten die geen zin hebben.
- Minder verzadigd vet
Decennialang hebben artsen, overheden en onderzoekers beweerd dat het inperken van de inname van verzadigde vetten helpt om slagaderverkalking te voorkomen. Vlees en volle zuivel zouden slecht zijn voor het hart. Dit blijkt een illusie. Eet en drink daarom gerust producten met de volledige hoeveelheid vet. Afgeroomd, 0% vet en vetarm heeft gewoon geen zin. Het gaat erom dat we de vetten zoals we die met hyperbewerkte voeding binnenkrijgen beperken.
- Meer onverzadigde vetten
Paralel aan de achterhaalde adviezen om verzadigd vet te beperken was jarenlang het devies om verzadigd vet in te ruilen voor onverzadigde vetten. Met name te vinden in plantaardige oliën. Ook dit blijkt niet nuttig in de strijd tegen hart- en vaatziekten.
- Mediterraan dieet
Het zogenaamde Mediterrane dieet zou een soort wonderdieet zijn waar het gaat om hart- en vaatziekten. Na grondig onderzoek bleek dit toch niet of nauwelijks het geval te zijn. Het Mediterrane dieet bestaat weliswaar uit veel hele, onbewerkte voedingsproducten die daarom gezond zijn. Het blijkt echter niet zo te zijn dat het Mediterrane dieet hiernaast bijzondere bloedvat-helende eigenschappen heeft.
- Supplementen
Vitamines, omega-3’s en andere supplementen hebben allemaal tegenvallende resultaten laten zien waar het gaat om hart- en vaatziekten. Van sommige supplementen is zelfs aangetoond dat deze de kans op bijvoorbeeld longkanker kunnen vergroten. Beter om de supplementen te laten staan. Het werkt niet. En het kost ook nog geld.
Een focus op minder vet, specifieke diëten of supplementen voor gezondere bloedvaten is gedoemd om te mislukken. Het doel zou juist moeten zijn om hyperbewerkte voedingsproducten zoveel mogelijk te vermijden.
Wat te Doen
Zoek vandaag nog een strategie uit die je aanspreekt en ga hiermee aan de slag. Gezonde bloedvaten zijn immers van levensbelang. Wanneer je vooruitgang hebt geboekt met de ene strategie, kijk dan of je een volgende aan kunt pakken terwijl de eerste al een gewoonte begint te worden. Op deze manier kunnen we stapsgewijs en doelgericht zorgen voor een betere gezondheid.
Lang heb ik gehoopt dat mijn genen me een hoge leeftijd zouden garanderen. Immers: mijn overgrootouders leefden uitzonderlijk lang; mijn overgrootmoeder en een overgrootvader werden ruim 100.
Helaas. Zo blijkt het niet te werken.
Uit uiteenlopend onderzoek komt naar voren dat genetica gemiddeld slechts 10–25% van de variatie in levensduur, overgewicht, kanker en bijvoorbeeld de samenstelling van onze darm-bacteriën verklaart. De overige 75–90% wordt bepaald door omgevingsfactoren waaraan wij ons blootstellen: lichaamsbeweging, voeding, blootstelling aan toxines, enzovoort.
Kortom: hoe gezond we zijn, hangt voor het overgrote deel af van onze gewoonten en keuzes; onze genen spelen een ondergeschikte rol.
Mentaal: hier Wèl veel Invloed van Genetica
Een noemenswaardige uitzondering vormen psychische aandoeningen. Studies laten zien dat mentale problematiek (zoals bipolaire stoornis, depressie en schizofrenie) voor gemiddeld zo’n 40% erfelijk is. Dit wijst op een aanzienlijk genetisch aandeel, waarbij omgevingsfactoren (bijvoorbeeld jeugd-omstandigheden, stress, sociale steun) de overige 60% bepalen.
Ook in mijn familie komt dit duidelijk naar voren: zowel 2 grootouders als een tante leden aan een “bipolaire stoornis”. Gelukkig heb ik er over het algemeen totaal geen last van. Hopelijk mijn omgeving ook niet.
Epigenetica: Stress over Generaties heen
Epigenetica beschrijft veranderingen buiten de DNA-code, die soms overerfbaar zijn. Recente studies suggereren dat langdurige stress bij ouders epigenetische aanpassingen kan veroorzaken, met verhoogde stressgevoeligheid bij kinderen en zelfs kleinkinderen als gevolg.
- Prenatale stress: een gestreste moeder kan via hormonen in de baarmoeder al epigenetische veranderingen bij het ongeboren kind teweegbrengen.
- Intergenerationele overdracht: dier-studies en observationeel menselijk onderzoek geven aanwijzingen dat zowel gedrag als stress-respons deels overgaan op volgende generaties.
Implicatie: een rustige, stabiele opvoeding heeft niet alleen directe voordelen, maar kan ook epigenetisch doorwerken bij volgende generaties.
Hoewel de reguliere geneeskunde veel levens heeft verbeterd en verlengd, is het belangrijk om ook de grenzen en risico’s ervan onder ogen te zien.
Dit artikel focust op de algemene geneeskunde. Chirurgische ingrepen komen elders aan bod.
Gezondheidszorg: een deels-Misleidende Term?
De impact van medische zorg op onze gezondheid wordt vaak overschat. Onderzoek wijst uit dat het zorgsysteem slechts zo’n 20% van onze gezondheid bepaalt. Leefstijl en socio-economische factoren dragen samen ongeveer 70% bij aan hoe gezond we zijn en blijven. Wat we zelf doen is dus, statistisch gezien, minstens drie keer zo belangrijk als wat een arts voor ons kan doen.
Ironisch genoeg kunnen artsen vaak weinig betekenen in de zo belangrijke factoren die buiten het directe zorgsysteem vallen. De medische opleiding biedt in Nederland gemiddeld bijvoorbeeld slechts 22 uur onderwijs over voeding. Thema’s als stress, beweging en leefstijl-interventies krijgen weinig aandacht. Ook in mijn eigen geneeskunde studie kwam dit nagenoeg niet aan bod. Vrijwel alles hierover moest ik zelf uitzoeken.
Overdiagnostiek en Overbehandeling: wanneer Zorg Schade doet
Binnen het zorgsysteem is overbehandeling een hardnekkig en wijdverbreid probleem. Financiële prikkels, technologische mogelijkheden en de menselijke neiging om te “doen” in plaats van af te wachten leiden ertoe dat er vaak méér wordt gedaan dan medisch zinvol is. Tijdens mijn werk in Duitsland en Engeland viel op dat dit probleem daar soms nog sterker speelt dan in Nederland. Helaas is het ook hier schering en inslag.
Leefstijl-interventies hebben vaak een gunstiger effect en minder bijwerkingen dan medische behandelingen, maar worden zelden serieus overwogen. In de praktijk domineert het denken in termen van pillen en procedures, terwijl ‘afwachten’ of ‘veranderen’ vaak betere alternatieven zijn.
Kankerbehandelingen: Hoge Prijs, Lage Winst
De risico’s van overbehandeling zijn scherp zichtbaar in de oncologie. Veel nieuwe chemotherapeutica worden geïntroduceerd zonder goede vergelijkingen met bestaande behandelingen. Ze veroorzaken forse bijwerkingen en zijn soms nauwelijks effectiever. Financiële belangen spelen hierbij vaak een onderliggende rol, zoals onder meer beschreven in het New England Journal of Medicine en het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde.
Tijdgebrek, Spijt en het Belang van Goede Informatie
Een ander structureel probleem is het gebrek aan tijd. Artsen en patiënten hebben vaak geen gelegenheid om álle opties goed door te nemen. Daardoor worden soms zware behandelingen gekozen, zonder dat de patiënt de kans krijgt om het volledige plaatje te overzien. Spijt over medische beslissingen kan het hele ziekteproces overschaduwen.
Ik heb meermaals gezien hoe mensen grote, en in veel opzichten kansarme, operaties ondergingen. Zoals bij alvleesklierkanker. Het probleem was dat er vaak geen goed inzicht gegeven werd over de alternatieven, zoals afwachten en verzachting van symptomen.
Het is daarom essentieel dat patiënten assertief zijn, goed doorvragen, en geen genoegen nemen met onvolledige informatie. De verwachtingen die een arts schept, hebben bovendien een aantoonbaar fysiologisch effect. Het placebo-effect wordt mede gevoed door de arts-patiënt relatie.
Complicaties: Veel Voorkomend en Vaak te Voorkomen
Elk jaar lopen naar tien-duizenden mensen letsel op door medische missers. Naar schatting duizenden sterven zelfs door fouten in dit land alleen. Hiervan blijkt de helft te voorkomen te zijn. Onervarenheid en organisatorische misstanden spelen hierbij een rol.
Mijn persoonlijke ervaring beperkt zich vooral tot het uitvoeren van chirurgische ingrepen. Daar was een veel gehoorde kreet dat de enige chirurg die nooit complicaties veroorzaakte, de niet-opererende chirurg was. Met andere woorden: waar gehakt worden, daar vallen de spaanders. Geen prettig motto voor wie een medische procedure wordt aangeraden.
Medicatie: Bijwerkingen Zonder Baat
Bijwerkingen zijn inherent aan medicatie, maar wat minder bekend is: het merendeel van de gebruikers heeft geen baat bij de medicijnen die ze slikken. Bij de best verkochte medicijnen profiteert slechts 2 tot 25% van de gebruikers. De rest (75-98%) loopt alleen risico op nadelige effecten. En het is vooraf niet te zeggen tot welke groep iemand behoord. Uiteraard zijn sommige medicijnen wel degelijk levensreddend.
Middelen zoals benzodiazepines en opioïden blijven nog altijd op grote schaal voorgeschreven, ondanks hun verslavende potentie en geringe effectiviteit. Vooral waar het gaat om de langere termijn. Hier geldt: zo kort mogelijk, zo weinig mogelijk, en alleen als het écht niet anders kan.
Reductionisme en het Vergeten Netwerk
De medische zorg kijkt vaak te beperkt: een versleten heup wordt vervangen, zonder zorgvuldig te kijken naar iemands leefomgeving, sociale netwerk of psychische welbevinden. Deze beperkte benadering negeert de bredere context waarin ziekte ontstaat en voortduurt.
Een meer holistische kijk is hard nodig.
Wat te Doen
De geneeskunde heeft onmiskenbare verdiensten, maar kent ook schaduwzijden. Veel diagnostiek en behandelingen zijn overbodig of zelfs schadelijk. Kritische patiënt-participatie is geen luxe, maar noodzaak. Goede informatie, gezamenlijke besluitvorming en ruimte voor leefstijl-interventies zouden veel vaker het uitgangspunt moeten zijn.
Als er één universeel streven is, dan moet dat wel het streven naar voortdurend geluk zijn.
De gemiddelde Nederlander doet het daarbij niet slecht. We prijken al decennia lang direct achter de allergelukkigste landen (Scandinavië) op de lijst, met een gemiddeld cijfer voor ervaren geluk van 7,5. Toch voelt lang niet iedereen zich altijd gelukkig, en is er voor velen ruimte voor verbetering.
Natuurlijk is geluk in veel opzichten persoonlijk, en is er daarom niet één weg die voor iedereen naar geluk leidt. Wel is er een aantal gedragingen en overtuigingen waarvan onderzoek aantoont dat deze tot een beter welzijn, en een betere kwaliteit van leven kunnen zorgen. In dit artikel ontdek je hoe beweging, geven, geld, mindfulness, dankbaarheid, natuur, het lozen van verslaving en minder stress je geluksniveau concreet kunnen verhogen.
Bewegen: dat Helpt
Regelmatige lichaamsbeweging is algemeen bekend als gezond. Wat misschien een verrassing is, is dat beweging ons ook echt een geluksgevoel geeft. We hoeven ons niet per se in het zweet te werken in de sportschool om dit effect te bereiken. Een dagelijkse wandeling kan ook al een verschil maken.
Wanneer er sprake is van depressie, helpt het opschroeven van de hoeveelheid beweging gemiddeld ongeveer net zoveel als een standaard antidepressivum. Maar het effect van beweging geldt dus niet alleen voor mensen die last hebben van somberheid. Het helpt iedereen om zich beter te voelen.
Beweging geeft energie. Maar er is nóg een manier om je geluksgevoel te boosten: geven.
Geven: daar worden we Gelukkiger van
Gierigheid loont in dit opzicht niet. Van geven worden we gewoon blij. Het maakt waarschijnlijk niet uit hoeveel we geven. Als we maar geven.
Iedereen kent wel zo’n zure buurvrouw of buurman waar nooit een lachje vanaf kan. Is die gelukkig? Naar iemand lachen is ook een manier van geven.
Geld geven aan een hulpbehoevende of een goed doel, een bejaarde buur een handje helpen, meedoen met vrijwilligerswerk. Het zijn allemaal voorbeelden van hoe we kunnen geven. En tegelijkertijd krijgen we daar dus iets voor terug: meer geluk.
Geld geven mag ons dan blijer maken. Maar daar moeten we wel iets voor verdienen. Of we daar nou gelukkiger van worden volgt direct hieronder.
Geld: maakt (meestal) Niet Gelukkig
We denken dat meer verdienen ons gelukkiger maakt, maar onderzoek laat zien dat we vaak gedreven worden tot meer willen verdienen door onrealistische verwachtingen dat dit ons gelukkiger gaat maken. Over het algemeen valt het gewonnen geluk door een beter-betaalde baan tegen. Kortom: geld maakt niet gelukkig.
Toen ik achter in de 20 was kwam ik hier voor het eerst achter. Een leven met materieel alles op rolletjes maakte me niet gelukkig. Het kostte me nog een slordige 10 jaar voor ik me begon te beseffen hoe ik hier echt wat aan kon doen.
Hoewel geld op zich geen duurzame geluksbron is, kunnen financiële zorgen sterk op ons welzijn drukken. Van geld-schulden is bekend dat deze een negatieve impact hebben op ons mentale functioneren. En dat schulden aflossen een meetbaar bevrijdend effect heeft op onze geest.
Meer over het onderwerp geld en werk in het aparte artikel hierover. Kortgezegd worden we van veel geld (willen) verdienen meestal niet vrolijk, maar van schulden al helemaal niet. Nu volgen er een paar onderwerpen die breed uitgemeten worden in social media berichten, maar waar de wetenschap nog geen duidelijk beeld over heeft kunnen scheppen waar het geluk aangaat.
Mindfulness en Meditatie: iets Gelukkiger
Worden we hier nou echt gelukkiger van?
Waarschijnlijk een beetje.
We kunnen tegenwoordig nauwelijks meer een tijdschrift openslaan zonder een artikel tegen te komen over de positieve effecten van meditatie en mindfulness. Velen staan helemaal niet open voor dit soort praktijken. Te stoffig. Te vaag. Te zweverig.
Voor wie er wel wat in ziet en het een poging wil geven: verwacht geen wonderen, maar het is zeker niet ondenkbaar dat je er een aanzienlijk stukje blijer van wordt.
Dankbaarheid en Dagboeken: Geen Overtuigend Effect
Nog zo’n onderwerp dat breed in de media uitgemeten wordt. Dankbaarheid-dagboeken en regelmatig opschrijven hoe de beste versie van onszelf eruit ziet heeft volgens sommigen een positief effect op ons ervaren geluk. Maar helpt het nou echt?
Het verrichte onderzoek is te matig van kwaliteit om hier duidelijke conclusies over te trekken. Wellicht helpen dankbaarheid-dagboeken en best-possible-self opstellen wel degelijk om ons positiever en gelukkiger te maken. Mogelijk betreft het ook simpelweg niet meer dan een placebo-effect. Hier geeft het verrichte onderzoek eenvoudigweg niet genoeg duidelijkheid over.
Onduidelijk dus. Misschien helpt het. Misschien ook niet. Wat sowieso wel gunstig is voor ons geluk, is blootstelling aan natuur en licht.
Natuur en Licht
Een gebrek aan groen, natuur en buitenlicht helpt natuurlijk niet mee voor wie gelukkig wil zijn. Beton, asfalt en dichte gordijnen versomberen. Terwijl een rondje tussen de bomen, de vogels en het gras stress verminderen en voor prettige prikkels zorgen. Het effect op de stemming is onmiskenbaar positief. Groen om ons heen zorgt voor een natuurlijk ontspanning en stimuleert geluk.
En de invloed van buitenlicht is gigantisch. Kijk maar naar de miljoenen mensen die ’s winters elk jaar door een depressieve periode heengaan. En naar de hordes mensen die in de donkere maanden naar het Zuiden afreizen om de zon op te zoeken.
Rond een uur of 1, half 2 ’s middags naar buiten heeft door de op dat moment van de dag maximale lichtsterkte een optimaal verbeterende uitwerking op onze stemming. Buitenlicht is completer en veel sterker dan binnenlicht. Het stimuleert ons systeem.
Natuur en licht zijn dingen die we op kunnen zoeken. Bij verslaving ligt dat anders: dat is iets dat we, in onze zoektocht naar duurzaam geluk, zoveel mogelijk dienen te lozen.
Verslaving
Verslavingen vormen zonder uitzondering een domper op ons welzijn. Een complex onderwerp wat ik in een apart blog-artikel behandel.
Stress
En dan stress. Gebrek aan controle en het gevoel dat het leven zo maar een onvoorziene wending kan nemen veroorzaken stress. Het idee niet te kunnen voldoen aan verwachtingen werkt ook spanning-verhogend.
Veel stress staat geluk in de weg. In de vorm van uitputting, een minder goede stemming, angst, toegenomen gevoeligheid voor verslaving, en desastreuze effecten op onze lichamelijke gesteldheid.
Stress verminderen is dan ook essentieel. Meer over dit niet altijd eenvoudige onderwerp in het artikel speciaal over stress.
Wat te Doen
- Beweeg: wandel 15–30 minuutjes (of meer) per dag.
- Geef: doe dagelijks één vriendelijk gebaar.
- Mindful: mediteer vijf minuten bij het wakker worden.
- Natuur en licht: zoek het zoveel mogelijk op.
- Verslaving: zorg dat je ervan af komt.
- Stress: hoe lastig het ook kan zijn hiervan af te komen, doe er wat aan.
Zet deze week eens één tip in de praktijk: waar merk je na drie dagen het grootste verschil?